• Full Screen
  • Wide Screen
  • Narrow Screen
  • Increase font size
  • Default font size
  • Decrease font size

Roodoogvireo (Lange Paal 3 oktober 1996)

E-mailadres

 

Ouderdom komt met gebreken, maar maakt mensen ook openhartiger. Jarenlange frustraties worden op het sterfbed in alle openheid over de nietsvermoedende, reeds treurende en calculerende toekomstige nazaten uitgestort. Deze kunnen er over het algemeen weinig mee behalve geduldig aanhoren, en torsen zo ongewild de ondraaglijke last van schandalige kennis mee tot hun overlijden, geheel in overeenstemming met de wet van behoud van ellende. Waarom moet ik daar nu mee worden lastig gevallen zult U denken. Dit gaat toch over een ijzersterke soort (althans zo doet de kop vermoeden), die we allen binnenhaalden? Welnu, ik (PdK) misbruik deze gelegenheid dan ook enkel en alleen om U (de lezer) weldegelijk te laten delen met een openhartige uiting van ultieme frustratie van een Uwer! Lees verder, en (ver)oordeel zelf.


Nietsvermoedend van wat ons te wachten stond, zochten we naar vogels (Peter de Knijff en Mariëtte Hoffer) in de namiddag van donderdag 3 oktober 1996 de strandzijde veldjes van de Lange Paal. Het was eigenlijk pokkenweer, een snoeiharde zuidwestenwind, regelmatig een buitje, en het enige wat niet bewoog waren de stevig verankerde camping gebouwtjes. In de hagen langs de veldjes waren toch wel veel mezen (kool, pimpel, staart en zwarte), en vooral de zwarte mezen waren absurd tam en lieten zich goed bekijken. Iedereen weet dat groepjes roving tits andere soorten aantrekken dus we bekeken, zo goed en zo kwaad als het kon, alles wat bewoog. Het was uiteindelijk Mariëtte die plotseling riep “ik heb hier een hele rare fitis”.

Ik was direct klaarwakker, want zij mag dan geen top-vogelaar zijn, ze is wel heel scherp en kent haar Nederlandse soorten goed dankzij een jarenlange training in binnen en buitenland.

Intermezzo: Op dit ene vluchtige moment bleek ook hoe zinvol de diepte investering (mede mogelijk gemaakt dankzij een door de Leidse Universiteit gesponsorde retourvlucht naar Chicago, voor een hart- en vaatziekte congres met als hoogtepunt de meest beroerde uitvoering ooit van Rimsky-Korsakov’s Sheherezade Op35, door het Skokie Valley Symphony Orchestra), in een twee weken lange najaars vogeltraining op Cape May, New Jersey, een paar jaar daarvoor, bleek te zijn. Daar bekwaamden we ons in het herkennen van een groot aantal Amerikaantjes. We waren daar natuurlijk niet alleen. Behalve een paar zeer behulpzame native birders, liep er ook een soort van kloon van de door ons allen zeer beminde hoofdredacteur rond. Hij was heel stil, vogelde een beetje stiekem, had een nogal gedrongen en gezet postuur, priegelde alles in een minuscuul notitieboekje, maar bleek ook bijzonder scherp. Ik meende hem ook te herkennen, maar het duurde een ruim dag voordat het kwartje viel: Bill Oddie himself (maar dan incognito). Bill bleek hetzelfde na te streven als wij en was, toen bleek dat we geen van hem handtekening wilden, zeer aardig en absurd goed in zijn soortenherkenning. We leerden een hoop van hem en de natives, en vooral de Bonte Zangers maakten een onuitwisbare indruk op Mariëtte.

Het duurde even voordat ik haar Fitis in beeld kreeg (hoe me dit lukte snap ik nu nog steeds niet, want ik ben daar zeer slecht in), maar het was me onmiddellijk duidelijk: dit was helemaal geen Fitis, zelfs geen scoop, maar een echte Roodoogvireo. Wellicht de makkelijkste Amerikaan om te herkennen op de Bonte Zanger na, maar doe het me (OK, Mariëtte, ere wie ere toekomt) maar na (OK, Peter M. jou lukte het wel). Na de fameuze eerste blik lukte het me ook nog om de vogel, nadat deze zich verplaatste, terug te vinden en kon ik hem wat langer èn profiel bekijken. Er was toen voor ons geen enkele twijfel meer: we hadden een Amerikaantje op Vlieland gevonden. Ik kon snel een schets maken (zie hieronder),
Veld schets Roodoogvireo / Red-eyed Vireo (Vireo olivaceus) Peter de Knijff
Veld schets Roodoogvireo / Red-eyed Vireo (Vireo olivaceus) Peter de Knijff
waarna we de vogel snel kwijt raakten. De mezen waren vertrokken, maar bleken zich, voor zover we ze op geluid konden volgen wel op en om de Lange Paal op te houden dus er was hoop voor later.

Het weer verslechterde nog verder en maakte verder zoeken zinloos. Ook liep het tegen vijven, het werd donker, niemand kon meer overkomen, en voor zover we wisten waren we de enige serieuze vogelaars op het eiland. Er was dus geen haast met doorgeven. Pas later die avond belde ik Eus op met de mededeling dat we een Roodoogvireo hadden gevonden.

Vrijdag 4 oktober was het veel beter weer, en we stonden voor een moeilijke strategische keuze: terug gaan naar de Lange Paal, of eerst naar de oostpunt, in afwachting van de eerste vogelaars vanuit Harlingen? We kozen voor de laatste optie, ook al omdat we geen idee hadden of onze claim serieus genomen zou worden (en we waren ook niet mobiel te bereiken). De oostpunt en Stortemelk leverden niet veel op die ochtend, dus togen we rond het middaguur naar de Lange Paal, waar een redelijk groepje eerste verkenners rondliep. Het duurde toch nog tot ca. 13:30 voordat Han Zevenhuizen de vogel terugvond, maar toen was dan ook het hek van de dam en de rest is geschiedenis so they say (zie ook DB 1998; 20: 11-13), althans, dat dacht ik.

Nietsvermoedend sloeg ik vorig jaar de DB 2008; 30: nr. 4 open en al bladerend viel mijn oog op de, naar mijn bescheiden mening, toch wel zeer leuke biografie van de 30 jaar DBA, door Hans ter Haar. Je zoekt natuurlijk toch vooral naar memorabele feiten waar je zelf een rol in speelde, niets menselijks is mij vreemd, maar ik was toch wel enigszins geschokt het navolgende te lezen op pagina 254: “Deception Tours had historische vangsten van Amerikaans soorten op Vlieland ooit als een van de belangrijkste redenen genoemd om voor dit eiland te kiezen. Daarom was het nieuws van de vireo met licht gemengde gevoelens ontvangen – die hadden ze zelf wel willen ontdekken”
Dit was een regelrechte klap in het gezicht. Ontdek je een keer een goede soort op Vlieland, kan iedereen die het wil hem zien, en dan is het nog niet goed. Nee, JIJ mag hem niet ontdekken, want WIJ waren hier eerder. Ik weet ik niet of deze uiting geheel conform de algemene gevoelens van DT is, of een meer persoonlijke ontboezeming, en, OK, niemand is perfect, en ik zeker niet (zie ook “the one that got away” op deze site), maar wat moet ik hier nu mee Hans? Mag ik niets meer ontdekken? Wil jij het dan niet meer weten? En wat moet Mariëtte dan doen als zij eindelijk haar Bonte Zanger ontdekt?

Kortom, moeten we, geheel conform de strategie van lange Jan mijn bezoeken naar Vlieland zo plannen dat we elkaar gaan ontwijken? Volgens mijn persoonlijke therapeute is dat niet verstandig en moet ik het me niet zo aantrekken en gewoon de confrontatie aangaan. Dus dat gaan we dan maar doen.

To be continued, this year, on Vlieland, 3rd-10th October 2009!

Peter de Knijff

Willekeurig Foto

Ads door Google

You are here: De vogels - Dwaalgast (Rare) - Roodoogvireo - Roodoogvireo (Lange Paal 3 oktober 1996)